dinsdag 31 januari 2012

Google Earth 6.2

Een paar dagen geleden is er een update van Google Earth gepubliceerd.
De nieuwe versie 6.2 heeft als belangrijkste nieuwigheden: een betere weergave en een nieuwe zoekinterface.
En er is nu ook de mogelijkheid om een schermafdruk vanuit Google Earth naar vrienden en kennissen door te sturen op voorwaarde dat alle correspondenten een Google+ account hebben.
Daarmee zet Google de zoveelste stap in zijn concurrentiestrijd met Facebook.
Maar ik heb niet de indruk dat dit (voorlopig?) veel zoden aan de Google+ dijk brengt.

De verbeterde weergave is natuurlijk wel interessant.
De beelden in Google Earth zijn het resultaat van een combinatie van satelliet- en luchtfoto’s die dikwijls op verschillende data en onder verschillende omstandigheden gemaakt zijn. Daardoor vertoonde het resultaat dikwijls het uitzicht van een lappendeken.
Nieuwe renderingtechnieken hebben dit probleem grotendeels opgelost, zoals in onderstaand beeld van de Grand Canyon vóór en na de aanpassing te zien is: de lappendeken is verdwenen.

image
Klik op het beeld voor een grotere weergave.

Ook de nieuwe zoekinterface is een lichte verbetering.
Zo is er nu ook in Google Earth autocomplete toegepast: terwijl je de zoekterm intikt verschijnen al voorstellen voor de zoekresultaten.
En als je een routebeschrijving zoekt kan je nu kiezen tussen verplaatsing met de auto, het openbaar vervoer, per fiets of te voet. Naargelang de transportkeuze wordt de voorgestelde route automatisch aangepast.
Ik heb wel gemerkt dat de verplaatsing per fiets niet overal resultaat geeft en dat de wandelwegen niet altijd de best mogelijke zijn: om van Romershoven naar Bilzen te wandelen, laat Google Earth je bijvoorbeeld een paar kilometer op een fietspad parallel met de autosnelweg E313 lopen!
Aangenaam is anders.Voor verdere verbetering vatbaar dus.
In Google Earth 6.3 misschien?

image
Klik op het beeld voor een grotere weergave.

maandag 30 januari 2012

Dassenpuzzel – oplossing


image

Mijnheer Bruin kan geen bruine das dragen aangezien de kleur van de das niet overeenkomt met de achternaam.
Mijnheer Bruin kan ook geen groene das dragen, want de heer die de groene das draagt had net de opmerking over de dassenkleur en de achternamen gemaakt.
Dus: mijnheer Bruin draagt een zwarte das.
Bijgevolg moeten de overblijvende dassen gedragen worden door de heren Groen en Zwart.
En dus: mijnheer Zwart draagt de groene das en mijnheer Groen draagt de bruine das.
Opgelost.
Tot vrijdag!

Een verblindende illusie

Moet je ook bijna je zonnebril bovenhalen als je naar het midden van A kijkt?
Nochtans is het wit in het centrum van de “bloem” niet witter of helderder dan elders op deze pagina.
Als bewijs heb ik de bloemblaadjes eens “losgeplukt” en omgedraaid: in B is de helderheidsillusie helemaal verdwenen!
Maar in C zie je ze weer in volle glorie opduiken, nog straffer dan in A vind ik.
Want ook dáár zijn de flitsende middens eigenlijk niet witter dan de rest!

Dat onze hersenen ons hier weer een spookbeeld opsolferen is duidelijk.
Psychologen spreken zelfs van een “photopic visual phantom illusion”.
De illusie is zelfs zó sterk dat bij het waarnemen ervan de oogpupil samentrekt alhoewel er geen extra licht vanuit de schijnbaar helderder plaatsen in onze ogen terecht komt.
Zeer recent (vorige week – 23 januari!) werden onderzoeksresultaten daaromtrent gepubliceerd in Proceedings of the National Academy of the United States of America (PNAS)
Straffe kost nietwaar!


image

zondag 29 januari 2012

Kleur herkennen

Wie websites maakt, een blog bijhoudt, of foto’s bewerkt, heeft er regelmatig behoefte aan om de juiste kleur van “een plekje” op het scherm te kennen.
Er bestaan nogal wat “colorpickers” die daar een oplossing voor bieden, maar onlangs vond ik er een nieuwe, met de merkwaardige naam Colorblind Assistant.
De maker van het minuscule programaatje heeft die naam gekozen omdat Colorblind Assistant niet alleen de kleurcodes aangeeft, maar ook de naam van de kleur.
Maar wie zoals ik (lichtjes) kleurenblind is, weet dat je met dat kwaaltje niets hebt aan de naam van een kleur. Het probleem van kleurenblindheid zit hem in het feit dat je bepaalde kleuren niet van elkaar kan onderscheiden.
Zo heb ik het (zeer) moeilijk om groene en bruine tinten uit elkaar te houden.
Het gebeurt mij dan ook regelmatig dat ik met een groene pull op het appel verschijn als Mia gezegd heeft: “Doe je bruine pull maar aan”.


image

Maar ondanks de slecht gekozen naam is Colorblind Assistant toch een interessant programmaatje.
Het neemt bijna geen geheugenruimte in beslag.
Het toont je op allerlei manieren welke kleur zich waar ook op je computerscherm onder de cursor bevindt:
- de naam van de kleur (in ‘t Engels). Leuk, maar niet zo nuttig vind ik
- de RGB-code
- de HTML-code
- staafgrafieken van de RGB-waarden, de helderheid en de verzadiging
Er is ook een zoomvenstertje, zodat je de cursor zeer precies kan positioneren op het schermplekje waarvan je de kleur wil kennen. Dat is iets wat niet dikwijls bij andere kleurpikkers mogelijk is.
Je kan ook “toggelen” of het programma al dan niet altijd op de voorgrond blijft.
Gezien de kleine afmetingen van het programmavenstertje (192x128 pixels) zit het meestal niet in de weg en is de keuze voor “on top” voor de hand liggend.
Handig ding vind ik. Misschien hebben jullie er ook wat aan?


image

zaterdag 28 januari 2012

Onder de microscoop

Het internet geeft ons toegang tot informatie die tot vóór enkele jaren alleen maar was weggelegd voor de “happy few”.
Een mooi voorbeeld daarvan is “Under the microscope”, een gloednieuw YouTube-kanaal van de University Of Cambridge

image

Under the Microscope” is een verzameling video’s die ons fantastische close-up beelden toont zowel van objecten uit de natuur als van objecten door de mens gemaakt.
Gedurende de volgenden maanden zal er elke maandag en donderdag zo’n nieuwe video gepubliceerd worden.
Op dit ogenblik zijn er al drie te bekijken.
Bij elke video wordt er ook (in het Engels) commentaar en verduidelijking gegeven.
En op de YouTube-pagina kan je de gesproken commentaar ook uitgeprint terugvinden, voor zien van links die je toelaten om verder op het onderwerp in te gaan.
Echt de moeite waard.
Zet “Under the Microscope” dus maar bij je favorieten en ga regelmatig een kijkje nemen.

Als voorbeeld embed ik hier het filmpje over de ontwikkeling van een muisembryo.
Volgens dr. Erica Watson, die de commentaar levert, kan de studie van de groei van een muisembryo belangrijke informatie opleveren over de ontwikkeling van een menselijk embryo en van de problemen die zich daarbij kunnen voordoen.

De ontwikkeling van een muisembryo duurt slechts 3 weken

vrijdag 27 januari 2012

Dassenpuzzel

image

Drie deftige heren, mijnheer Groen, mijnheer Zwart en mijnheer Bruin zitten samen aan tafel.
Eén draagt een groene das, een ander een zwarte en de derde een bruine.
”Valt het jullie op” zegt de heer die de groene das draagt, “dat de kleur van onze dassen bij niemand van ons drie overeenkomt met zijn achternaam.”
”Verdorie, je hebt gelijk!” zegt mijnheer Bruin.
Wat is de kleur van de das van mijnheer Groen, mijnheer Bruin en mijnheer Zwart?


Laat het me weten tegen zondagavond: herve.tavernier2@pandora.be
Maandag om 21.30u. beken ik hier kleur.

donderdag 26 januari 2012

Drup,…drup,…drup,…

Sommige dingen zijn niet wat ze lijken. En dan heb ik het vandaag niet over illusies. Dat is voorbehouden voor de maandagen. Neen ik heb over de “gedaante” (aggregatietoestand is het geleerde woord) waarin sommige stoffen zich aan ons voordoen.
Glas is er zo één.
We ervaren glas als een vaste stof, maar eigenlijk heeft glas bij kamertemperatuur inwendig niet de structuur van een echte vaste stof. Die structuur lijkt veeleer op die van een vloeistof. Sommigen noemen glas daarom een onderkoelde vloeistof die zo dik vloeibaar is dat we ze als vast ervaren.

Bitumen, pitch is er ook zo’n rare stof.

File:Refined bitumen.JPG


Pitch ziet er duidelijk vast uit. Het is zelfs bros: je kan het met een hamer gemakkelijk in brokken slaan.
Maar pitch is geen vaste stof. Het is een echte vloeistof. Maar dan een vloeistof die zó dik stroperig (viskeus) is dat we ze als vast ervaren.

Om aan te tonen de pitch een vloeistof is, werd in 1927 een experiment opgestart dat nu nog altijd loopt. Het is zonder twijfel het langst lopende experiment ooit!
Prof. Thomas Parnell van de Universiteit van Queensland in Brisbane, Australië smolt een hoeveelheid pitch en goot de smelt in een afgesloten trechter.
Hij liet het goedje drie jaar afkoelen en in 1930 opende hij de trechtersteel.
En dan werd het wachten tot de eerste druppel viel. Als de professor gelijk had tenminste…
En ja hoor: in december 1938 was het zover! In februari 1947 kwam nummer twee.

De prof had gelijk: pitch, bitumen was geen vaste stof maar een erg viskeuze vloeistof.
Intussen waren de studenten waar Parnell het experiment voor had opgestart al lang afgestudeerd. En Parnell zelf stierf in 1948, lang voor de derde druppel viel (1954).

Bestand:University of Queensland Pitch drop experiment-6-2.jpg


Maar de pitch, hij drupte en drupt nog voort, mooi afgeschermd onder een glazen stolp.
Op 28 november 2000 is de achtste druppel in het glas terecht gekomen.
Dit is de voorlopig laatste in de rij.

Wil je de geboorte van de negende druppel life meemaken?
Ga dan regelmatig eens een kijkje nemen op de webpagina van de Queensland University waar je alle informatie over dit wel zeer merkwaardig proefje kan vinden en waar een webcam je toont wanneer het zover zal zijn.
Maar heb geduld: het kan nog een paar jaar duren…

woensdag 25 januari 2012

Magnetische zeep

Zepen en detergenten in het algemeen, zijn stoffen waarvan de moleculen een waterminnende kop en een watervijandige staart bezitten:

image

Door die bijzondere structuur zijn detergenten in staat om (onder andere) vet-en olielagen die op water drijven, op te lossen. Ze omringen daarvoor de miljarden minuscule oliedruppeltjes met een laagje waarbij ze met hun watervijandige staart in de oliedruppeltjes zitten en met hun waterminnend kopje in het water:

image

Je merkt dat de negatief geladen waterminnende kopjes zo’n oliebolletje aan de buitenkant een behoorlijk grote negatieve lading geven. Daardoor stoten de bolletjes elkaar onderling af: de olie lost op in het water. Echt oplossen is dat eigenlijk niet, maar de druppeltjes klitten in elk geval niet meer aan elkaar.
Prachtig als je bijvoorbeeld met een detergentsopje een mayonaisevlek op je das of je bloes losweekt: de opgeloste oliedruppeltjes kunnen met het spoelwater weggespoeld worden.
Maar daar kan je vragen bijstellen: wat gebeurt er verder met dat detergentrijk afvalwater?
Die vraag wordt nog urgenter als bijvoorbeeld massale hoeveelheden detergenten gebruikt worden bij olierampen om de dikke lagen olie op het wateroppervlak af te breken.
De detergenten blijven in het zeewater en beïnvloeden op termijn de aanwezige dieren en planten.

Scheikundigen van de universiteit van Bristol, onder leiding van prof. Julian Eastoe, lieten vorige vrijdag (20 januari) in Angewandte Chemie weten dat ze wellicht de oplossing voor dit vervuilings- en ecologisch probleem gevonden hebben.
Ze zijn er in geslaagd om ijzeratomen in de detergentmoleculen in te bouwen.
Daardoor worden de detergentmoleculen magnetisch.
De oliedeeltjes met de magnetische detergentlaag errond en ook het overtollige detergent, kan daardoor met magnetische velden gestuurd worden en uit het water verwijderd worden.
Het ei van Columbus: de olielaag afgebroken en het afbraakmateriaal met “een geschikt trekijzer” uit het water gehaald.
We zijn er weer een beetje op vooruit gegaan!

dinsdag 24 januari 2012

Yosemite forever

1977 is voor mij een jaar zoals geen ander.
Ik was toen op reis in de VS.
Mia ook.
En van het één is toen het ander gekomen.
Een goed jaar later was ik een Oost-Vlamingen in Limburg…
Ik heb er nog geen moment spijt van gehad.

Mia was natuurlijk het meest memorabele en het altijd blijvende aan die VS-reis.
Maar ook New York, Washington, Las Vegas, De Grand Canyon, Los Angelas, San Francisco,…
waren indrukwekkend.
En zeker Yosimite, het Californische nationaal park, dompelde ons onder in een ongerepte, overweldigende natuur. Een welgekomen en verkwikkend rustpunt op onze drukke rondreis.
We logeerden er in kleine houten paviljoentjes (lodges) omgeven door groen en stilte en rondhuppelende squirrels.

35 jaar geleden, maar toch nog bijna alsof het gisteren was.
Het kwam weer allemaal terug toen ik een paar dagen geleden op internet een schitterend time-lapse filmpje vond over één van de schitterendste stukjes natuur op aarde.
Geniet mee in HD en full-screen.
Kon ik de klok nog maar eens 35 jaar terugdraaien en het samen met Mia opnieuw eens in ‘t echt beleven…

maandag 23 januari 2012

Een rijenpuzzel – oplossing

image

Een getal dat deelbaar is door 2, 3, 4, 5, 6 en 7 is natuurlijk
2 x 3 x 4 x 5 x 6 x 7.
Maar we kunnen hierin 4 vervangen door 2 x 2 en dus is ook
2 x 2 x 3 x 5 x 6 x 7 deelbaar door 2, 3, 4, 5, 6 en 7.
Ook 6 kunnen we vervangen door 2 x 3 en dus is ook
2 x 3 x 2 x 5 x 7 = 6 x 70 = 420 is deelbaar door 2, 3, 4, 5, 6 en 7.
Wat eigenlijk gedaan hebben is het kleinste gemeen veelvoud (KGV) zoeken van 2, 3, 4, 5, 6 en 7.
420 is dus dat KGV en dus kleinste getal dat door 2, 3, 4, 5, 6 en 7 deelbaar is.
421 zal dus bij deling door 2, 3, 4, 5, 6 en 7 steeds een rest van 1 geven.
Maar 421 is geen element van onze rij want het is geen kwadraat.
Het gevraagde element moet dus het eerstvolgende veelvoud van 420 zijn met daarbij 1 opgeteld, dat een kwadraat is.
2 x 420 + 1 = 841 = 292
Dus 841 is het gezochte getal!

Voortdurend naar rechts?

Start onderstaand filmpje en fixeer het zwarte puntje links.
Vanuit je ooghoek zal je de combinatie van de 5 vlekken aan de rechterkant voortdurend zien opschuiven naar rechts alhoewel dit helemaal niet gebeurt! Dat merk je goed als je de 5-vlekken-combinatie zelf fixeert: de set beweegt uiteindelijk enkel op en neer.

Maar als je de 5 vlekken goed bekijkt zie je dat in er elk vlek een soort horizontale beweging zit: een horizontale wisseling van een zwart-wit patroon.
Deze zwart-wit wisseling treedt simultaan op in elk van de 5 vlekken.
Bij niet fixeren van de 5 vlekken, wordt in onze hersenen het signaal  afkomstig van de globale op-en-neer beweging van de set, overtroffen door het signaal van de lokale horizontale beweging in de vlekken. We zien de set horizontaal bewegen.

Wil je meer uitleg bij deze merkwaardige illusie, dan kan je dit pdf-bestand eens lezen.

Drift is hier een illusie

zondag 22 januari 2012

Chocoladechemie in Zichen-Zussen-Bolder

Mia en ik zijn gisterennamiddag samen met een plezierige groep Romelaren op uitstap geweest naar Zichen-Zussen-Bolder.
En wat je daar niet onmiddellijk zou verwachten, heeft mij aangenaam verrast: een ambachtelijke chocolaterie, met de verlokkelijke naam Holle Bolle.

image

Tijdens de demonstratie van de verwerking van chocolade tot pralines en andere lekkere “voorwerpen”, kwamen de chemie en de fysica weer van achter het hoekje piepen.
Onze vriendelijke demonstratrice liet ons weten dat gesmolten chocolade niet gemakkelijk weer mooi hard te krijgen is. Afkoelen in de ijskast helpt niet. Wat wel helpt: toevoegen van een hoeveelheid vaste harde chocolade.
Waarom werkt dit?

Chocolade smelt rond 35°C.  Chocolade stolt dus ook rond 35°C.
Aangezien chocolade geen zuivere stof is, maar een mengsel van o.a. cacaopoeder, cacaoboter en suikers, is er geen scherp smelt- en stolpunt, maar een smelt- en stoltraject dat afhangt van de samenstelling.
Als je chocolade afkoelt onder zijn stolpunt, krijg je een onderkoelde vloeistof. D.w.z. dat de chocolade (dik)vloeibaar blijft bij temperaturen waarbij hij al lang vast zou moeten zijn.
Zo’n beetje als onderkoeld regenwater als het ijzelt: het regenwater heeft een temperatuur beneden 0°C en toch blijft het vloeibaar. Pas als het tegen de grond smakt wordt het vast en krijgen we een gladde ijslaag.

Dat gesmolten chocolade zich bij temperaturen beneden zijn stolpunt als een onderkoelde vloeistof gedraagt, heeft te maken met de vetmoleculen van de cacaoboter in de chocolade.
Die vetmoleculen laten zich niet gemakkelijk in het geordend patroon rangschikken. Ze blijven ongeordend door elkaar liggen. Een ongeordende verzameling moleculen is typisch voor een vloeistof.

image

De truuk om die ongeordende massa toch te ordenen tot mooie vaste chocolade: toevoegen van een beetje chocolade die al vast kristalvormig is. Zo breng je kristalkiemen aan waarop de ongeordende moleculen zich verder gaan ordenen: de kristallen groeien en het bruine goedje wordt weer helemaal mooi vast. Probleem opgelost!

Dat was dus een beetje chocoladechemie en –fysica in Zichen-Zussen-Bolder.
Maar het was vooral lekkere chocolade. Ga zelf maar eens kijken en proeven bij Holle Bolle.

zaterdag 21 januari 2012

Snowboarding

Het uitkraaien van plezier, is hier wel heel letterlijk te nemen!

Daar gaat ie weer!

vrijdag 20 januari 2012

Een rijenpuzzel

Misschien herinneren jullie zich nog uit de lessen rekenkunde van het secundair onderwijs wat in de wiskunde een rij is?
Alhoewel ik geen wiskundige ben en mij dus op glad ijs waag, denk ik dat een rij een opeenvolging van elementen is, een geordende verzameling van die elementen.
Een getallenrij b.v. 0, 1, 2, 3, 4, 5, …
Dit is de rij van de natuurlijke getallen
En ook dit is een getallenrij:


image

Voor sommige rijen zoals de rij van de natuurlijke getallen en de rij hierboven bestaat de mogelijkheid om een element uit die rij te bepalen aan de hand van zijn positie in de rij.
xn = n-1 voor de rij van de natuurlijke getallen. Het 4de element is 4-1 =3
xn = 1 + 2 . (n - 1) voor de rij met de gekleurde cijfers. Het 4de element is 1+2.3 = 7

Het puzzelke van vandaag gaat over de rij van de kwadraten die groter zijn dan 1.
Dus over: 4, 9, 16, 25, 36, .....
Kan je met laten weten wat het kleinste getal uit deze rij is dat bij deling door 2, door 3, door 4, door 5, door 6 en door 7 telkens 1 als rest heeft?

Laat het me weten tegen zondagavond: herve.tavernier2@pandora.be
Maandag om 21.30u. vervolledig ik hier de rij.

donderdag 19 januari 2012

Diamanten komen van zeer diep. En wel zeer snel.

Diamant is inhoudelijk niets anders dan ordinaire koolstof (C). Dezelfde samenstelling dus als grafiet en als het hoofdbestanddeel van steenkool en houtskool.
En toch is diamant keihard en is grafiet zo zacht dat we het als smeermiddel gebruiken.
Het opvallend verschil is een gewoon een gevolg van de verschillende wijze waarmee de koolstofatomen aan elkaar gebonden zijn.
Dat verschil wordt duidelijk in de volgende figuur:

image
Zoals je ziet zijn de C-atomen in diamant onderling zeer sterk verbonden tot een uitzonderlijk stevig driedimensionaal netwerk dat vrijwel niet stuk te krijgen is: diamant is het hardste natuurlijk materiaal.
In de grafietstructuur daarentegen zien we dat de C-atomen in lagen voorkomen die los boven elkaar liggen. Die lagen kunnen t.o.v. elkaar gemakkelijk verschuiven. Daardoor krijgt grafiet een smerende werking en kunnen met met een potlood gemakkelijk laagjes grafiet van de stift op ons papier wrijven.

Hoe kan koolstof in twee zo’n totaal verschillende gedaanten voorkomen?
Dit heeft alles te maken met de omstandigheden waarin de koolstof zich bevindt.
Alleen bij de zeer hoge drukken (45 tot 60 kbar) en bij de zeer hoge temperaturen (1500 tot 1800 °C), die heersen op 120 tot 300 km diep in de aarde, kunnen de C-atomen tot diamant op elkaar geperst worden.
Maar hoe komt die diamant van zo diep dan tot bijna aan de aardoppervlakte terecht?
Want in Namibië en Zuid-Afrika wordt diamant gedolven in zandlagen op enkele meters onder het oppervlak en vóór de kusten van Lüderitz wordt zelfs op diamant gevist!

De diamant moet dus op één of andere wijze naar het oppervlak gebracht worden.
Laboratoriumtesten wijzen zelfs uit dat dit snel moet gebeuren zoniet zou de structuur bij de hoge temperaturen onstabiel worden en uiteenvallen.
Een groep onderzoekers van de University of British Columbia in Vancouver, onder leiding van vulkanoloog prof. Kelly Russell, heeft een oplossing voor dit raadsel gepubliceerd in Nature.

Carbonaatrijke gesteenten bevatten veel opgelost koolstofdioxidegas (CO2).
In silicaatrijke gesteenten is koolstofdioxidegas veel minder oplosbaar.
In de diepe aardlagen waar diamant gevormd wordt, komen gesmolten carbonaatgesteenten in contact met hoger gelegen gesmolten silicaatgesteenten.
Door de reactie tussen beide komt de opgeloste CO2 grotendeels vrij en het mengsel (diamanthoudend magma) wordt daardoor naar omhoog gedreven met een hoge snelheid. De diamanten worden meegesleurd.
Uit de experimenten van de onderzoekers blijkt dat die snelheid tot 14km/h kan bedragen. Dit betekent dat het magma met de diamanten in 3 à 8 uur van een diepte van 120km naar het aardoppervlak kan gebracht worden. Voldoende snel om de diamanten intact te houden.
Aan het oppervlak stolt het magma tot het bekende kimberliet.

image

Het zo verdoemde gas CO2
zorgt er dus voor dat de koolstofkristallen, waar handige vaklui fonkelende steentjes uit slijpen, zeer snel van zeer diep naar boven komen.
”Diamants are a girls best friend”. CO2 zou het dus ook een beetje moeten zijn.

woensdag 18 januari 2012

Twittergeluk

Ik twitter elke dag.
Maar ik twitter eigenlijk passief.
Wat er gebeurt: de titel van mijn dagelijks blogberichtje wordt doorgestuurd naar mijn twitteraccount. En wie mijn dagelijkse tweet daar leest kan, als hij/zij dat wenst, doorklikken naar Mijmeringen.
Je mag dat gerust oneigenlijk twitteren noemen.
Echte twitteraars luchten in realtime hun mening of geven hun commentaar op een bepaald gebeuren in een kernachtige boodschap van maximum 140 tekens.

Ik ben nog op een andere wijze twitterpassief: ik lees dagelijks honderden twitterboodschappen die verschijnen in de 10 twitterlijsten waarin de 321 twitteraars die ik volg hun tweets “lossen”.
Maar ik doe dat zonder op de tweets te reageren. Ik ben dus een vege passieve lurker.
Zelf heb ik ocharme 89 volgers en zit ik in 3 lijsten…
Tot daar mijn twittercurriculum.


Nu zijn er wetenschappers van de University of Vermont, die het geluk van twitteraars hebben proberen af te leiden uit de inhoud van hun tweets.
Aan mij zullen ze dus niet veel gehad hebben.
Maar materiaal is er genoeg als je weet dat er dagelijks meer dan 65 miljoen tweets het net rondgestuurd worden.
Ze onderzochten over een periode van bijna 3 jaar 4,6 miljard (!) berichten met software die blijkbaar in staat is om op basis van de inhoud en het verwoorden van de tweets, een gelukscore toe te kennen aan de twitteraars.

En wat blijkt? Ik vat hier het voornaamste samen:
- het geluk van de twitteraars neemt toe van januari tot april. Nadien gaat het bergaf met vooral een diep dal in het midden van het jaar. Naar het einde van het jaar toe wordt er weer gelukkiger getweet, maar in januari zakt de gelukspudding weer helemaal in elkaar.
De onderzoekers stellen ook vast dat er algemeen in de loop van de bestudeerde 3 jaar een opvallende vermindering van het algemeen geluksgevoel waarneembaar is.
- twitteraars zijn gelukkigst in het weekend. Maar dat zal ook wel voor niet-twitteraars het geval zijn zeker?
- ‘s morgens zijn twitteraars gelukkiger dan ‘s avonds.

image

Als jullie zelf de volledige studie zouden willen lezen: die is te vinden in het wetenschappelijk online tijdschrift PLoS One.
Maar let op!
Het werk werd verricht door een natuurkundige, een informaticus en specialist in complexe systemen.
Zorg dus dat uitdrukkingen zoals
image
je niet ongelukkig maken. Ook niet als je niet twittert.

dinsdag 17 januari 2012

Amerika op zijn best: apps voor apen!

Heb je nog geen iPad?
Dan wordt het toch stilaan tijd om daar iets aan te doen. Zoniet word je binnenkort onherroepelijk voorbijgestreefd door…onze evolutionaire voorlopers.
Orangutan Outreach een Amerikaanse organisatie die zich het zielig lot van oerang-oetans in gevangenschap aantrekt, heeft er niet beter op gevonden dan onze verre familieleden met het dure speelgoedje te vermeien!

image

De apen en aapjes krijgen het kleinood nog wel niet zelf in handen, want zo sterk is zo’n tabletje niet. Maar ze mogen er door de tralies heen naar hartenlust mee spelen: videootjes kijken, schilderen met het apenvingertje, apenspellekes spelen enz.
Kortom bijna alles wat ook wij mensen met zo’n iPad kunnen doen…

Wellicht hopen onze Amerikaanse vrienden dat er binnenkort op iTunes aangepaste apen-apps beschikbaar zullen komen, want ze zijn een project gestart met de duidelijke naam “Apps for Apes”. En in het internetjargon van vandaag de dag wordt dat dan natuurlijk: A4A

Je kan de leuke beestjes hieronder met het leuke dingetje aan het werk zien.
En wie binnenkort zijn iPad1 of iPad2 omruilt voor een nog blitsere iPad3, weet waar hij/zij met het afdankertje heen kan: Orangutan Outreach zal je eeuwig dankbaar zijn.
En de aapjes ook.
Misschien leren ze binnenkort wel echt schrijven op zo’n ding.
”Laat me vrij” bijvoorbeeld…


maandag 16 januari 2012

Tantes-klok-puzzel - oplossing

image_thumb[7]

Hoeveel keer tantes klok sloeg in een periode van 12 uur is niet moeilijk uit te tellen.
In een tijdspanne van 12 uur zitten er 12 halve uren.
Dat zijn dus 12 slagen.
En het aantal “uurslagen” in die periode is gewoon de som van
1 + 2 + 3 + 4 + 5 + 6 + 7 + 8 + 9 + 10 + 11 + 12.
Alhoewel dit sommetje snel te berekenen valt, wil ik er jullie toch aan herinneren dat voor de som van zo’n rekenkundige reeks een interessante formule bestaat:
S = n.(n+1) / 2 waarin n = de laatste term in de reeks.
Dus hier is S = 12*13/2 = 78
Het totaal aantal slagen van tantes klok over een periode van 12 uren bedroeg dus 78+12= 90
Niet te verwonderen dat ze (de klok) regelmatig eens moest opgewonden worden.

Schudden en beven

Is it moving and shimmering?

Met de signalen die onze hersenen ontvangen als we bovenstaande figuur bekijken kunnen ze moeilijk overweg.
Het zaakje begint te trillen en te beven en de buitenste groef komt zelfs in beweging.
Maandag-illusie dus.
Wat zien we toch maar allemaal wat er niet is!

zondag 15 januari 2012

Neem eens een robotje in

Ik ben al lang een fan van Isaac Asimov. Hij was biochemicus, maar vooral een veel gelezen science-fiction schrijver.
Eén van zijn werken “Fantastic Voyage” beschrijft hoe een groep wetenschappers verkleind wordt tot microscopische afmetingen om dan met een even microscopische duikboot in de aders van een belangrijk geleerde te worden gespoten om in zijn hersenen een levensbedreigende bloedklonter te gaan verwijderen.
Gefantaseerde supermicro-chirurgie dus.

image


Asimov schreef dat boek in 1966.
45 jaar later, in 2012, is het verkleinen van mensen tot mini-lilliputters nog altijd even onmogelijk als toen.
Maar… een (onbemand…) robotje in je lichaam loslaten nadert met zeer rasse schreden de realiteit!
Wetenschappers in van de Hanyang University in Zuid-Korea hebben onlangs zo’n robotje gedemonstreerd.
Hieronder zie je een foto van een simulatie van de beweging van het microrobotje door een structuur die een bloedvat nabootst.

image


Het robotje kan op en neer bewegen (1 en 4) en spiraalvormig door de vaten bewegen (2, 3, 5 en 6).
De patiënt zou in een MRI scanner kunnen gaan liggen en de dokters zouden het robotje naar het doel kunnen sturen, terwijl ze alles op een videoscherm volgen.
Nog niet getest op mensen, wel op konijnen en varkens.
Bijna dus.
En dan wordt het in plaats van “slik dat pilletje eens door en ga even in de wachtzaal zitten” binnenkort: “neem dat robotje eens in en leg je op de scanner”…

zaterdag 14 januari 2012

Voor mijn vrienden de vogelaars (en alle anderen)

Een paar van mijn vrienden en ook een paar familieleden zijn echte vogelaars.
Als je met die mannen en vrouwen op wandel gaat, zien ze overal gevleugelde beestjes die aan mij en Mia voorbijgaan.
Er mag geen witte of blauwe reiger, geen fuut of geen kluut, geen gans of geen aalscholver in de buurt zijn of ze hebben hem in het vizier.
Om nog maar over ordinaire spreeuwen, lijsters, merels, mezen en mussen te zwijgen.
Bewonderingswaardig en benijdenswaardig vind ik dat, zo’n “vogeloog”.
Maar ik heb het niet. En Mia ook niet.

Om hen op deze winterse zaterdagmorgen een plezier te doen, trakteer ik hen met een subliem filmpje dat ik op YouTube gevonden heb.
Het gaat weliswaar maar over gewone mussen, maar het toont iets wat zelfs mensen met een vogeloog niet kunnen zien.
De opnames zijn gemaakt door Liesbet Carman en Cees Keyer.
Liesbet en Cees deden met hun filmpje mee aan een project van een groep die zich de Vliegkunstenaars noemt en die liefhebbers de kans geeft om met een hogesnelheidscamera (600 beelden per seconde!) vliegbewegingen van dieren en planten in beeld te brengen.
Daardoor kunnen we in vertraagde weergave zien hoe schijnbaar vredelievende vogeltjes, als het erop aankomt, ook een verbeten “struggle for life” voeren.

Lutgart, Ivo, Julien en alle andere vogelaars en niet-vogelaars, geniet van deze schitterende beelden en bekijk ze bij voorkeur in HD en full-screen.

Afblijven gij!

vrijdag 13 januari 2012

Tantes-klok-puzzel

image

Bij het opruimen van onze zolders is ook de oude klok van mijn tante Leine naar de eeuwige jachtvelden vertrokken.
Ik herinner me hoe ik als kleine jongen steeds vol bewondering stond te kijken als mijn nonkel Raymond de grote sleutel bovenhaalde om het merkwaardig ding op te winden.
En hoe ik luidop meetelde als het uur werd geslagen.
Want elk uur sloeg tantes klok het aantal slagen van het uur en elk half uur gaf ze precies één slag.
Kan je me dan berekenen hoeveel keer ze dan wel sloeg in een periode van 12 uur?
Of is dat te gemakkelijk?

Laat het me weten tegen zondagavond: herve.tavernier2@pandora.be
Maandag om 21.30u. tel ik het hier voor jullie uit.

donderdag 12 januari 2012

Voor als het eens winter wordt

De weermannen en –vrouwen laten ons al enkele dagen weten dat er voor het komend weekend een eerste winteroffensief verwacht wordt.
Het gaat kouder worden en misschien gaat het binnenkort wel sneeuwen?
Sneeuw, hoe ziet dat daar ook weer uit? Aan een Oostenrijker moet je dit nu niet vragen, die is deze bijzondere vorm van bevroren waterdamp al lang kotsbeu.
Maar ter herinnering van degenen die al een tijdje geen (witte) sneeuw meer gezien hebben, presenteer ik hier vandaag twee time-lapse filmpjes die tonen hoe sneeuwvlokjes, die frêle kunstwerkjes van de natuur, ontstaan en groeien.
Ga er even bij zitten en geniet ervan.
En denk en binnenkort nog eens aan als ook hier “Jezuke zijn beddeke eens uitschudt en zijn pluimkes laat vliegen

Kantwerk 1
Kantwerk 2

woensdag 11 januari 2012

Rozijnen boven!

Wie mijn blogje regelmatig bezoekt én de berichtjes leest én een goed geheugen heeft, weet dat ik elke dag start met een “gezond ontbijt”: een kiwi met daarbovenop 12 koffielepels muesli en daarover een potje magere natuuryoghurt.
Over het conflict tussen de kiwi en de yoghurt heb ik het hier een maand geleden nog gehad.
Over de muesli heb ik tot nu toe gezwegen.
Maar daar komt vandaag verandering.

image


Zoals je kan zien eet ik vruchtenmuesli. Een mengsel van granen en 30% vruchten. De gedroogde rozijnen erin vind ik het lekkerst. Het zijn ook de grootste brokjes van die vruchtenmix.
En vooraleer ik mijn 12 lepeltjes over de kiwi strooi pik ik, als Mia 't niet ziet, altijd een paar dikke exemplaren uit de voorraadkom.
Een traktatietje dat ik mezelf wel gun in de vroegte van de morgen. Hmm…lekker!
En ik heb er wat op gevonden om die donkere zoete gedroogde druiven snel te vinden: ik schud gewoon een paar keer goed heen en weer (niet op en neer!) met de kom en de rozijnen verschijnen vanzelf aan de oppervlakte!

image


Is dat niet raar?
In de mueslimix zijn de rozijnen duidelijk de dikste en de zwaarste en toch komen die bij het heen en weer schudden van de kom “bovendrijven”!
Zou de verklaring kunnen zijn dat de fijnere graantjes en de kleinere stukjes in het mengsel door het schudden door holten naar beneden vallen, terwijl de grote rozijnen elkaar hinderen en dus ondanks hun grotere massa boven moeten blijven. Dit lijkt mij een aannemelijke verklaring.

Ik ben eens gaan zoeken op het net.
En wat blijkt: mijn ochtend-rozijnen-fenomeen is iets waar natuurkundigen zicht al jaren het hoofd over breken!
Het verschijnsel staat bekend als het “Brazil nut effect” omdat in een heen en weer geschud kommetje met een notenmengsel, de grote Braziliaanse paranoten ook bovenaan te vinden zijn, net als mijn rozijnen.

De geleerde verklaring voor de beweging van de zwaardere delen naar boven heet granulaire convectie.
Bij het heen en weer schudden zou volgens die theorie in het mengsel een convectiestroom ontstaan zoals bij water dat verwarmd wordt: door het midden stijgen de deeltjes op en ze keren langs de zijkanten terug. Maar in een mix met vaste bestanddelen blijven de zwaardere deeltjes boven omdat de convectiestromen te zwak zijn om ze mee te nemen.

convectie


Niet te geloven waar ik allemaal mee te maken krijg ‘s morgens vroeg: actinidaine in de kiwi die vecht met de yoghurteiwitten, yoghurt die zich gedraagt als een niet-Newtoniaanse vloeistof en nu de muesli die daar beetje zit te convectiestromen!
Zou mijn gezond ontbijt eigenlijk wel gezond zijn?
Zou ik niet beter een boterhammeke met choco eten?

dinsdag 10 januari 2012

Over een beloftevolle CO2 slurper

Bijna iedereen is ervan overtuigd: er moet dringend iets gedaan worden aan het CO2-gehalte in de atmosfeer willen we een klimaatcatastrofe vermijden en de even catastrofale verzuring van de oceanen intomen.
Dit groeiend bewustzijn doet wetenschappers overal ter wereld koortsachtig zoeken naar oplossingen voor dit wereldbedreigend probleem.
Het probleem zal niet opgelost worden door erover te praten. Of door de aanpak over te laten aan het populisme van de politici. De opeenvolgende mislukkingen van de klimaatconferenties tonen dit duidelijk aan.
Ik ben ervan overtuigd dat we onze hoop moeten stellen op wetenschappelijk onderzoek en op de technologische toepassing van dit onderzoek.


Scheikundigen van de University of Southern California, onder leiding van prof. G.K. Surya Prakash en prof. A. Goeppert hebben in dit verhaal recent een belangrijke stap gezet.
Ze zijn erin geslaagd om een goedkoop en gemakkelijk te maken materiaal te ontwikkelen dat op een omkeerbare wijze CO2 kan adsorberen (= aan zijn oppervlak binden).
Het materiaal bestaat uit een basis van polyethyleenimine (PEI), een polymeermateriaal (een soort plastic dus), dat bedekt is met een laag zeer fijn poedervormig siliciumdioxide.
Het geheel kan in kolommen gepakt worden en opgehangen worden in schoorstenen en op andere plaatsen waar koolstofdioxide vrijkomt.
Het PEI-materiaal heeft niet alleen het voordeel van goedkoop te zijn, het kan CO2 ook nog in zeer lage concentraties binden en ook in vochtige omstandigheden waar andere adsorbers het laten afweten.

Maar er zit nog een bijkomend interessant aspect aan de nieuwe vondst vast.
Het polymeer bindt de CO2 moleculen, maar die binding is omkeerbaar: als het materiaal verhit wordt tot 100°C laat het de CO2 terug los. Het materiaal kan dus herbruikt worden.
En… de CO2 komt vrij..!?

image


Hoe de CO2 komt vrij?
Waarom hebben ze dan zoveel moeite gedaan om dat broeikasgas op te vangen?
Momentje!
De onderzoekers laten het koolstofdioxide natuurlijk niet zomaar opnieuw de lucht in.
Ze zetten het via eenvoudige reacties om tot methanol (CH3OH):
CO2 + 3H2 CH3OH + H2O
CO2 +2H2O + elektrische stroom → CO + 2H2 (+ 3/2 O2) → CH3OH
En methanol is dan weer ofwel als brandstof te gebruiken of verder om te zetten in allerlei andere stoffen.
Bij zoverre dat Prakash en Goeppert zelfs zeggen: “CO2 is het probleem niet op aarde. Integendeel het is de oplossing!”.
Ze hebben er samen met Nobelprijswinnaar Chemie 1994, George Olah, een standaardwerk over geschreven: “Beyond Oil and Gas: The Methanol Economy” waarin ze schetsen hoe methanol een alternatief kan worden voor onze slinkende voorraad aan fossiele brandstoffen.
Een synthese van dit werk kan je lezen in dit pdf-bestand.

Twee vliegen in één klap dus: het broeikasgas vangen en het dan omzetten in nuttige verbindingen.
Laat ons hopen dat dit snel zijn toepassing vindt, want zoveel tijd is er wellicht niet meer om het tij te doen keren…

maandag 9 januari 2012

Pré-dieetpuzzel – oplossing

benen,diëten,fitness,fotoafdrukken,gewichten,gewichtsbeheersing,gewichtsverlies,gezondheidszorg,huishoudens,personenweegschalen,voeten,weegschalen,wegen

Twee aan twee samen wogen Mia, Leen en ik 148kg, 146kg en 108kg.
Als we die gewichten samentellen krijgen we natuurlijk twee keer het totale gewicht van ons drieën.
Dat is dan 402kg.
Eén keer alle drie samen wegen we dan (402/2)kg = 201kg
Elk afzonderlijk wegen we dan:
201kg – het gewicht van elke weging met twee.
Dus:
(201 – 148)kg = 53kg
(201 – 146)kg = 55kg
(201 – 108)kg = 93kg
En aangezien ik de zwaarste ben….

De Bourdon-illusie

Bij een snelle blik op onderstaande figuur zien we ABC als geknikt in de richting van EBD.
Deze illusie staat bekend als de Bourdon-illusie.
Die naam verwijst naar de Franse psycholoog Benjamin Bourdon die ze in 1902 voor het eerst beschreven heeft in zijn werk “La perception visuelle de l’espace”.
Wie wil kan dat boek online lezen.

image

Over de verklaring en de sterkte van de Bourdon-illusie en over het feit dat deze illusie niet alleen visueel werkt maar ook bij het blind betasten van sommige vormen optreedt, is al heel wat literatuur verschenen.

In elk geval: dat in de figuur hierboven, ABC een rechte is, wordt duidelijk als we er een andere rechte langs leggen:

image

zondag 8 januari 2012

RIP Kodak…

Donderdag 5 januari 2012 maakte de Wall Street Journal bekend dat het zo goed als vaststaat dat het 131 jaar oude Eastman Kodak Co. in februari het faillissement zal aanvragen.
Weer een oude glorie die teniet gaat, weer een stukje jeugd dat verdwijnt.

Ik herinner me nog zeer goed hoe ik als jonge snaak met het  “kodakske” van mijn tante Julienne mijn allereerste foto’s mocht maken. In het boxke pasten brede zwartwit fotorollen van Kodak of van Agfa.
Een paar jaar later heb ik met dat zelfde zwartwitmateriaal mijn allereerste stappen in het zelf ontwikkelen en afdrukken van foto’s gezet.
Het was een heel gepeuter om in het pikdonker van ons kelderke thuis, zo’n rolletje uit het toestel te halen en het dan op een spoel te rollen die in een ontwikkelbadje moest geplaatst worden.
Ik heb toen veel gevloekt maar het was heerlijk spannend.
Maar dit is voorbij. Dit is geschiedenis.
De digitale fotografie heeft heel die techniek naar het museum gejaagd.

image
Bijschrift toevoegen

Met de komst van de digitale fotografie moest Eastman Kodak andere accenten gaan leggen.
Het bedrijf heeft zijn best gedaan om zich op de markt te handhaven met digitale fototoestellen en digitale fotoprinters, maar de elektronicareuzen zoals Sony, Nikon, Fuji,… zijn met de hoofdprijzen gaan lopen.
In 2009 nog probeerde Chief Marketing Officer Jeffrey Hayzlett, het tij te doen keren en de wereld ervan te overtuigen dat Kodak ook in de digitale wereld toonaangevend zou blijven. Maar de straffe peptalk die hij in onderstaand filmpje demonstreert was boter aan de galg. De komst van de smartphones en de tablets, die aparte fototoestellen voor de gelegenheidsfotograaf overbodig maken, hebben Kodak blijkbaar de doodsteek gegeven.
Nooit geen kodakske meer. RIP Kodak.

Woorden in de wind, spijtig genoeg

zaterdag 7 januari 2012

17, het heilig Sudokugetal

Mia is een echte Sodukofan. Op het randje van de verslaving zelfs.
Sudoku’s oplossen is het eerste wat ze doet als ze ‘s morgens wakker wordt en het laatste vóór ze in bed naar dromenland vertrekt. En als we op vakantie gaan zit er steevast een dikke pil vol 9-cijfer-puzzelkes in de koffer.
Voor de eenvoudige opgaven, de starters en de doorbijters, draait ze haar hand niet om.
Die zijn voor mij. De moeilijke, de kamikaze en de vijandige, “dat is spek naar haren bek”.


image

Uren kan ze er in opgaan, tot ze de oplossing gevonden heeft.
Het gebeurt zelden, maar af en toe zegt ze wel eens met een beetje ontmoediging in haar stem: “Die is niet op te lossen!”

En sommige Sudoku’s zijn ook niet op te lossen.
Een groep wiskundigen van de University College in Dublin, onder leiding van Gary McGuire hebben aangetoond dat een Sudokurooster minstens 17 ingevulde hokjes moet bevatten om oplosbaar te zijn. Alle roosters met minder bekende hokjes kunnen meerdere oplossingen hebben en zijn bijgevolg geen geldige Sudoku’s.
Zo heeft de Australische wiskundige Gordon Royle aangetoond dat de volgende Sodoku met 16 ingevulde hokjes twee oplossingen bezit. Je mag ze altijd eens proberen te vinden.


image

Dat er een minimaal aantal cijfers moet aanwezig zijn is natuurlijk voor de hand liggend. Veronderstel even een 9x9 rooster met alleen het cijfer 1 er in: dan kan je uiteraard een groot aantal oplossingen bedenken.
Maar om er achter te komen dat er minimum 17 bekende hokjes nodig zijn, zijn straffe wiskundigen, een uitgekiend algoritme en een supersnelle computer nodig.
En die supercomputer heeft toch nog van januari 2011 tot december 2011 moest draaien om een besluit mogelijk te maken.
Hoe de groep van McGuire daar bij te werk gingen kan je in dit pdf-bestand lezen.

Enfin, Mia en alle andere Soduko-freaks gaan best eerst even tellen vóór ze zo’n vijandig rooster aanpakken: 17 is van nu af aan voor hen een heilig Sudokugetal.

vrijdag 6 januari 2012

Pré-dieetpuzzeltje

Het begin van een nieuw jaar valt meestal samen met nieuwe (of vernieuwde) goede voornemens.
Ook bij mij is dat het geval.
Ik heb mij voorgenomen (en beloofd aan Mia) dat ik (weer eens) iets aan mijn overgewicht ga doen.
Want ik zit immers duidelijk in het rode BMI-gebied.
Hoeveel ik weeg is geen geheim, maar als je er wil achter komen moet je de eerst dit pré-dieetpuzzeltje oplossen…

benen,diëten,fitness,fotoafdrukken,gewichten,gewichtsbeheersing,gewichtsverlies,gezondheidszorg,huishoudens,personenweegschalen,voeten,weegschalen,wegen


Gisterenvoomiddag zijn Mia, ons Leen en ik twee aan twee samen op de weegschaal gaan staan.
Dat was wel even dringen, maar met vallen en opstaan lukte het toch.
Dit is het resultaat van de drie wegingen: 148kg, 146kg en 108kg.
Ik ben met voorsprong de zwaarste van ons drietal. Hoeveel woog ik gisterenvoormiddag?
Je mag natuurlijk ook berekenen hoeveel Mia en Leen wegen, maar dat mag geheim blijven.


Laat het me weten tegen zondagavond: herve.tavernier2@pandora.be
Maandag om 21.30u. out ik mij hier over mijn gewichtstoestand van donderdagvoormiddag 05-01-2012.
Als ‘t lukt weeg ik maandagavond al…100g minder…

donderdag 5 januari 2012

De Commodore 64 is jarig!

Leeftijdsgenoten én computeraars van het eerste uur zullen zich nog zonder twijfel de Commodore 64 herinneren.
Misschien hebben ze er zelfs nog eentje op zolder staan. Want in de jaren 80-90, toen de personal computer populair werd, was de Commodore 64, de C-64, een echte hit.

Bestand:Commodore64.jpg

Ikzelf heb er nooit één gehad. Ik zat in het Sinclair- en het BBC-B-kamp.
Maar op onze school werd de Commodore 64 de eerste computer waarmee de leerlingen konden kennismaken.
Internet was er toen nog niet en ook Word of Excel moesten nog geschreven worden.
Maar leerlingen en de geïnteresseerde leraren (vooral wiskundigen en wetenschappers) konden in een klein computerlokaal toch al met het nieuwe medium aan de slag en al snel konden ze fier hun eerste eigen brouwsels in de programmeertaal  BASIC (Beginners All-purpose Symbolic Instruction Code) demonstreren.
De nieuwe informatiemaatschappij ging van start.

Deze week wordt de Commodore 64 dertig jaar jong.
Hij zag inderdaad in januari 1982 het daglicht, met een intern geheugen van… 64 kilobyte. Vandaar die 64 in zijn naam.
In het reclamefilmpje hieronder dat ik op YouTube vond, wordt de Commodore in prijs en geheugen vergeleken met zijn voornaamste concurrenten van dat ogenblik: Tandy, Apple en Atari.
En blijkbaar was de C-64 een winnaar: 64K voor… 595 dollar, terwijl de anderen veel minder boden voor veel meer geld. Het wereldwijd succes loog er dan ook niet om.




30 jaar later is de C-64 nog altijd springlevend.
Van buiten ziet hij er nog altijd uit zoals vroeger, maar binnenin is er heelwat veranderd: een nieuw moederbord, een andere en veel snellere processor en een intern geheugen tot 8 gigabyte = 8.388.608 kilobyte = 131.072 keer meer intern geheugen dan zijn originele voorvader!
Als je over die gemoderniseerde telg meer wil weten, moet je maar even op het beeld hieronder klikken. Je kan je C-64x-exemplaar daar zelfs online bestellen

image


Maar misschien kan je heimwee naar vervlogen tijden al getemperd worden als je op je flitsend moderne Windows PC of je hippe Mac een C-64 emulator installeert. Zo’n emulator je kan downloaden via een van de sites in deze lijst. En dan kan je weer zoals vroeger Pacman en Frogger spelen.
Wie weet word je dan vanbinnen weer 30 jaar jonger…

woensdag 4 januari 2012

Wet van de traagheid, heen en terug

Newton heeft het ons lang geleden al geleerd: een voorwerp in rust blijft in rust tenzij er een uitwendige kracht op inwerkt.
En als er krachten op inwerken, zal het voorwerp in rust slechts in beweging komen in de richting van de resulterende kracht.
En als een voorwerp in rust een grote massa heeft zal er een grote kracht nodig zijn om het uit zijn toestand van rust te krijgen.
Dit is niets anders dan de wet van traagheid, de eerste van de drie natuurwetten die Isaac Newton in 1687 formuerleerde in zijn Philosophiae- Naturalis Principia Mathematica en die nog altijd de basis vormen van de klassieke mechanica.
Dus: hoe groter de massa van een voorwerp, hoe groter de traagheid van dat voorwerp.
Een olifant in rust is nu eenmaal moeilijker in beweging te krijgen dan een mug in rust…

image


Een gekende demonstratie van de traagheidswet is de tafelkleedtruc.
Ik heb die zelf meerdere keren in mijn lessen opgevoerd.
Een gladde tafel en een glad tafelkleed (kleine traagheid en zeer weinig wrijvingskrachten) met daarop een relatief zware (grote traagheid) verzameling potten en pannen.
En dan een snelle horizontale “snok” aan het kleed zodat er op de potten en pannen geen verticale kracht wordt uitgeoefend: tafelkleed weg (kleine traagheid), keukengerei blijft schoon op zijn plaats (grote traagheid).

De fameuze jongleur Mat Ricardo demonstreert die truc hier op een humoristische en meesterlijke wijze.
Maar hij doet meer: hij keert de truc ook om! En dat is pas echt een huzarenstuk!

dinsdag 3 januari 2012

Spezify

Ondanks de bijna alleenheerschappij van Google en Bing in de zoekwereld op internet, worden er toch nog altijd pogingen ondernomen om nieuwe zoekmachines te ontwikkelen.
Een interessante in dat rijtje is Spezify.

image

Spezify bestaat eigenlijk al van 2009, maar in de loop van de voorbije jaren is er duchtig aan de applicatie geschaafd.
Het bijzondere aan Spezify is dat de zoekresultaten niet in een lijstje worden gepresenteerd zoals bij Google, maar in een tableau van tekst-, beeld- en klankvakjes die “doorklikbare” links bevatten.
Hieronder zie je wat ik kreeg bij het intikken van “Romershoven” als zoekterm.

image

Rechtsboven (zie rood kadertje op het beeld hierboven) bevindt zich een aantal knoppen waarmee je de weergave van de zoekresultaten kan beïnvloeden.
Hoe dat allemaal in zijn werk gaat, wordt goed uitgelegd in het filmpje hieronder.

Of Spezify mijn standaard zoekmachine wordt?
Ik denk het niet, want als je (zoals ik) Google Chrome als browser gebruikt is het verdomd gemakkelijk om je zoektermen gewoon in de adresbalk te typen. Het is bij mij zelfs zo gewoon geworden, dat ik dat ook doe als ik eens Firefox of Opera gebruik. En daar lukt dat niet…
Wie surft met Firefox, Internet Explorer, Opera, Safari,… heeft dus waarschijnlijk meer aan Spezify dan Chrome gebruikers.

Spezify wordt het voor mij dus niet helemaal, maar hij/zij staat wel op mijn favorietenbalkje.
Want bij opzoekingen voor mijn blogje bijvoorbeeld, is het wel prettig als je in één overzicht zowel tekst- als beeld- en klanklinks samen vindt, die je meteen al op inhoud kan inschatten.
Toch nuttig en interessant dus.


maandag 2 januari 2012

Vuurwerkpuzzel – oplossing

4th of July,independence day,raketten,speciale gelegenheden,springstoffen,vakanties,voetzoekers,vuurwerk

De schattingen van de vuurwerkpijlen waren:
Kees 43, Wim 34 en Pim 41.
Eén zat er 6 naast, een ander 3 en de derde 1.
De grootste verschillen zijn 6-3 en 6+3
Het verschil tussen Kees en Wim bedraagt 9.
Het juiste aantal moet dan natuurlijk ergens tussen 43 en 34 liggen.
Wim zit er dus 6 naast en 34 + 6 = 40.
Er zaten dus 40 vuurwerkpijlen in de doos van Jan uit Maastricht.